Niet dollen met rollen

broertje en zusje
Het is altijd opletten of je je kinderen niet in bepaalde rollen duwt. Als de ene brutaal is, is de andere dat bijna automatisch niet. Als het ene kind handig is, is het andere kind dus ‘de onhandige’. Vaak hoef je het zelf niet eens uit te spreken en wordt het door de kinderen als vanzelf zo ervaren. Zo was ik vroeger thuis ‘de stijve hark’. Ik had twee zusjes die op turnen zaten en regelmatig in de prijzen vielen. Als oudste kon ik alleen maar accepteren dat ik zonder veel lenigheid op de wereld was gekomen, want zo werd gezegd: “Jij lijkt nou eenmaal op je vader.” Ik kan me niet herinneren dat ik veel moeite heb gehad met dit feit. Echter, ik was al ver in de twintig toen ik ontdekte dat ik helemaal niet stijf ben als ik mij vergelijk met (let op:) de gemiddelde Nederlander. Later heb ik vaker dat soort verhalen gehoord, mensen die na hun veertigste er pas achter komen dat ze weldegelijk erg gevoelig of intelligent zijn. Overtuigingen sluipen erin doordat je bent vergeleken met je broers en zussen. Dit kan grote effecten hebben op hoe je jezelf ziet (de menselijke psyche zoekt nu eenmaal graag bevestiging van een bestaande overtuiging) en hoe je dus handelt. Om die reden probeer ik erg voorzichtig te zijn met de verwachtingspatronen die ontstaan of rollen die ik mijn kinderen geef, maar het is erg moeilijk. De karaktertjes ontwikkelen en wij hebben in huis intussen een kind dat altijd huilt en een flink kind, we hebben een lieverdje en een dondersteen, we hebben een kat-uit-de-boom-kijker en eentje die overal op afstapt. De rollen zijn verdeeld, om het zo maar te zeggen. Waar let je als ouder nou op als het om hokjesdenken bij je eigen kinderen gaat? Hoe zorg je ervoor dat de dondersteen van het gezin niet vergeet dat die ook erg lief kan zijn? Dat is een kwestie van benoemen. Vooral als je bemerkt dat je de neiging hebt om te onderscheiden, benoem dan juist in je kind wanneer je tegengesteld gedrag (tegengesteld aan je verwachting) opmerkt. Toen Jip gisteren zomaar in de rij van de kassa onze appels ging vergelijken met de appels van de mevrouw achter ons, ontstond er een leuk gesprekje tussen hen. Dat heb ik onze kat-uit-de-boomkijker daarna nog een keer bevestigd. “Maar het was ook een lieve mevrouw,” zei Jip. “Dat klopt, maar door jouw spontaniteit heb je dat maar mooi ontdekt!”

Steek die maar in je zak :-D.

One thought on “Niet dollen met rollen

  1. Wouw. Jij hebt zoveel eye openers op je website. Dankjewel! Ik heb ook twee kindjes die compleet verschillend zijn, maar wat jij beschrijft heb ik in mijn eigen opvoeding heel erg ervaren! Zo af en toe ben ik zelfs geneigd om dingen te roepen: ‘Kijk nou naar je broertje/zusje en neem daar eens een voorbeeld aan’ maar dat werkt (besef ik nu) natuurlijk alleen maar destructief. Nogmaals: dankjewel.
    (En ik hoop dat die geit iets minder in de weg staat nu)

Comments are closed.