Hoe krijg ik hem mee?

Noppen blokken

“Hééééé mama!!!” Jip komt naar me toe gerend. “Gelukkig,” denk ik bij mezelf: “hij is in ieder geval blij mij te zien.” Ik haal Jip op bij de opvang en soms is hij zo fijn aan het spelen, dat hij baalt dat ik er alweer ben. Als hij blij is mij te zien, krijg ik hem meestal makkelijker mee naar huis. Jip geeft me een heerlijke knuffel en vraagt dan of ik een boek wil voorlezen. Ik heb geen zin, maar om een mogelijke strijd te voorkomen, zeg ik: “Ja hoor Jip, dat is goed en dan gaan we daarna naar huis.” Jip knikt en pakt het boek. We gaan op de grote rode bank zitten, die in de hoek van de speelzaal staat. Er komen meer kindjes luisteren als ik zit voor te lezen. Het is een gezellig momentje geworden. Als het boek uit is, zeg ik: “Kom Jip, jas aan.” Ik leg zijn jas op de grond, zodat hij er zelf in kan piepen. Dan begint er een soort tikkertje met een ander jongetje en ik sta als een halve gare in het midden van hun spel te roepen dat het tijd is om te gaan. Wat moet ik nu doen? Ik kan hem toch moeilijk bij de lurven nemen en meesleuren? Maar ja, hij trekt zich werkelijk niets van mijn geroep aan. Dan bedenk ik om het andere jongetje aan te spreken: “Tyler, Jip zijn jas ligt daar te wachten tot hij hem aan doet. Wil jij die even aan hem geven?” Het werkt! Het jongetje pakt Jip zijn jas en geeft hem aan Jip. Mijn zoon zegt netjes dank je wel en trekt het jackje aan. “Dag Tyler tot volgende week!” roep ik. We lopen naar de deur. Helaas staat er tussen ons en de uitgang een bak met noppen blokken, die heeft de juf daar net neergezet. Er zitten wel vijf enthousiaste peuters omheen mee te spelen. Jip laat zich onmiddellijk op zijn  knieën zakken en schuift aan. “Nee! Ik had hem eindelijk mee!” zeg ik. “Jammer mama,” zegt de juf lachend, “ik denk dat je even moet wachten.” Ik glimlach, laat me op een ieniemienie stoeltje zakken en geef me er maar aan over. Het is even niet anders. Ik zie wel hoe laat we hier de deur uit stappen.

Pure manipulatie?

dark portrait

“Mama, wil je een tosti voor mij maken?” vraagt Jip vanmiddag aan mij als ik in de keuken sta. “Jip, dat wil ik best doen, maar er is  geen ham en er is geen kaas, dus dat wordt een beetje moeilijk. “Ik wil een tosti!” roept Jip en zijn gezicht betrekt. “Ik hoor dat je graag een tosti wil, alleen hebben we de ingrediënten niet in huis, wat we wel kunnen doen….” Ik kan mijn zin niet afmaken, omdat Jip begint te gillen. Ik voel geen irritatie opkomen gelukkig, maar wel een gevoel van gelatenheid: ik heb echt helemaal geen zin meer om me in te leven of hier een leuke draai aan te geven. “Ik wil je alleen maar helpen hoor!” zeg ik tegen mijn zoon. “Neeeeeee! Ik wil niet dat jij helpt. Jij moet weg!” is het antwoord dat ik krijg. Hij zegt wel vaker dat ik weg moet lopen, maar dat doe ik niet. Dan zijn we echt ‘uit contact’ en dat wil ik niet. Ik blijf dus staan en kijk hem aan. “Niet naar mij kijken, jij!” roept Jip boos naar mij, terwijl hij het op een huilen zet. Het moedeloze gevoel in mij maakt dat ik me op een keukenkrukje laat zakken en vanuit die beweging voelt het heel natuurlijk om ook een potje te gaan janken. Niet dat ik het echt zo voel, maar het zou wel heel lekker zijn. Zonder een serieuze afweging te maken of dit nou wel pedagogisch verantwoord is, doe ik mijn handen voor mijn ogen en doe heel hard: “Wééééééééhhhhhh.” Tranen ontbreken, maar verder lijkt het wel echt. In ieder geval voor Jip, want die komt ineens op mij afgestoven en zegt: “Mama, jij mag mij wel helpen hoor! Dat vind ik juist fijn! Moet je huilen, mama?” Ik besluit om op zijn laatste vraag niet in te gaan en zeg dat ik blij ben dat ik hem mag helpen. Ik stel voor een tosti te maken van pindakaas met chocoladehagelslag, dat ziet Jip wel zitten. Wat ik me niet afvraag is of het lekker is, want Jip likt zijn vingers erbij af, wat ik me wel afvraag: past bovenstaande actie nou in het rijtje ‘opvoeden zonder straf’ of was het eigenlijk een beetje vals spelen?

Waarom straffen

Mama, ik heb jou uitgekozen

270515
Soms laat ik Jip een uurtje alleen spelen, dan ga ik iets anders doen of even liggen. Vandaag was zo’n dag. Ik was ongelooflijk moe en dacht: “Ik ga even een uurtje liggen.” Ik had Jip er al op voorbereid en toen het half twee was en ik Mirre in bed had gelegd, zei ik tegen Jip: “Goed Jip, ik ga nu ook even slapen.” “Maar mama, ik wil eigenlijk dat je bij mij blijft.” Jip ging het mij moeilijk maken. Ik wil hem niet teleurstellen en zeker niet als hij zo duidelijk om mijn aanwezigheid vraagt. “Liefje,” zeg ik: “ik zou zo graag heel even willen slapen. Over een uurtje zijn we weer samen en kunnen we samen spelen, oké?” “Nou, dan ga ik mee slapen,” zegt hij resoluut. Nu weet ik zeker dat ik niet meer zal slapen, maar hiertegen ben ik niet bestand. “Dat is goed Jip, doe je dan wel rustig en probeer je echt te slapen?” Jip knikt we gaan naar boven. Even later liggen we samen in bed, ontblote lijven, lekker tegen elkaar. Hij is ongelooflijk knuffelig, maar tolereert het niet als ik mijn ogen dichtdoe. “Zing anders een liedje voor me, kan ik lekker slapen,” zeg ik. Hij houdt het twee sinterklaasliedjes vol en begint dan met zijn vingers aan mijn oogleden te trekken. “Zal ik je lekker op je rugje kriebelen? Dan kun jij misschien ook in slaap vallen,” suggereer ik. Hij ligt met zijn gezichtje naar me toe als ik zijn rug kriebel. “Mama, ik hou van jou,”zegt hij ineens. Hij komt nog dichter tegen me aan liggen: “Ik hou van jou van jou!” Ik zeg: “Ah liefie, ik ook van jou.” “Mama,” zegt hij dan, “ik heb jou uitgekozen en jij hebt mij uitgekozen.” “Oh?” zeg ik. “Ja, en Mirre heeft papa uitgekozen en papa Mirre.” Ik loop over van liefde. Mijn zoon is mijn grootste uitdaging op dit moment. Het is voor mij soms echt wel werken om dicht bij hem te blijven en dan doet hij zo’n prachtige uitspraak. Het was alsof hij wilde zeggen: “Het is goed, zoals je doet, het is goed zoals het is. Ik ben niet voor niets bij jou gekomen, je mag berusten.” Of je nu wel of niet in zielen gelooft die reïncarneren of die hun ouders uit zouden kiezen, is volgens mij niet relevant. Het enige wat telt is de overtuiging van mijn kleine jongen. Een uitspraak om door een ringetje te halen. Ik voelde alleen maar dankbaarheid. Dat uitte ik ook, allebei een grote glimlach en dan vallen we samen in slaap.