Alle keukenkastjes vol met snoep!


280315.1280315 De laatste keer dat ik met de kinderen in de binnenspeeltuin  was, wilde Jip snoepjes uitkiezen. Op het moment dat hij dat    aan mij vroeg, wilde ik net gaan zitten met de dampende kop  koffie, die ik aan de bar had gehaald. De bar had zo vol gestaan  met snoepgoed dat de bardame amper een plekje kon vinden  om mij mijn koffie te overhandigen. “Even rustig aan voordat  ik mij in het speelgedruis ga storten,” had ik bedacht en toen  stond mijn zoon ineens voor me met een zeer duidelijke wens.  “Jip, je mag straks één snoepje uitkiezen. Mama, drinkt rustig haar koffie op en dan gaan we samen naar de bar. Je kunt nu nog even gaan spelen. “Nee, mama. Ik wil niet één snoepje, ik wil vijf, tien, dertien, zeventien snoepjes!” Het verlangen van een kind benoemen in een fantasie, kan de weerstand wegnemen. Sinds ik dit weet, speel ik regelmatig fantasiespelletjes met Jip en het werkt vaak verrassend goed. Ik weet het niet zeker, maar ik had sterk het vermoeden dat mijn driejarige zoon mij op dat moment uitnodigde om samen te fantaseren. Hij hoeft namelijk niet te rekenen op zeventien snoepjes en dat weet hij heel goed. Verwachtingsvol bleef Jip me aankijken. “Oh ja Jip!” zei ik dan ook, “dat zou echt heel leuk zijn, dat je alle snoepjes kan uitkiezen die je wilt!” “Jaaaaaa!!” riep Jip “en dan allemaal opeten!!” Hij zag het helemaal zitten en maakte een sprongetje van blijdschap. Ik lachte en stelde voor om zoveel mee te nemen, dat we thuis alle keukenkastjes zouden moeten leeghalen om daar alle snoep in te doen. “Hahaaa!” riep Jip. “Ja, dan kunnen we alleen maar snoepjes eten! En papa en mama en Lisanne en Mirre en Martijn ook.” Jip stond te springen van vreugde. Toen stond hij stil, we keken elkaar aan. Nu ben ik verwachtingsvol, want elke keer ben ik weer benieuwd wat er komen gaat als we samen in zo’n fantasie zitten. Toen zei Jip: “Ga jij gauw koffie drinken, dan ga ik nog even spelen en dan…. Snoepje uitkiezen!!” Bij de laatste twee woorden rende hij al naar de springkussens. Ook nu was ik weer stomverbaasd over de uitwerking van samen fantaseren, maar leuk was het zeker.

Waarom straffen

Papa politieauto

270315

Frans kijkt naar me en knijpt zijn ogen even toe. “Ik neem het wel even over,” wil hij zeggen. Fijn, denk ik bij mezelf en laat hem onze zoon uit mijn armen overpakken. Jip was vanmorgen erg laat wakker en hoeveel we ook geknuffeld hebben, hij komt maar niet uit zijn humeurige bui. Hij huilt omdat Mirre naar zijn knuffel wijst, hij huilt omdat hij een la niet open krijgt, hij huilt omdat hij zijn slaapzak uit wil hebben. Pittig ochtendje dus. Omdat Frans het overneemt, heb ik zelf even tijd om rustig op de bank mijn thee op te drinken. Nou ja, rustig….Jip blijft huilen. Daarbovenuit Frans zijn stem. In het begin vraag ik me nog af tegen wie hij praat. Is hij nou een telefoongesprek aan het voeren in die herrie? Dan ontdek ik dat hij ook een ‘voorwerpengesprek’ heeft. “Wat altijd helpt is een lekkere boterham met chocofunnies!” hoor ik Frans met een vervormde stem zeggen: “Dat vindt Jip echt het allerlekkerste wat er is!” “Nou,” antwoordt de echte Frans “Dan ga ik dat zo maar eens voor hem smeren.” “Dat zou ik zeker doen, papa van Jip!” zegt het voor mij onbekende voorwerp, “ik weet zeker dat hij weer helemaal blij wordt!” Inmiddels zit Jip rustig te luisteren en hoor ik hem ook lachen. Mirre begint mijn aandacht te vragen, dus meer van het gesprek kan ik helaas niet opvangen. Achteraf zegt Frans dat hij Sheriff (politieauto uit Disneyfilm Cars) had laten praten en toen deze uitgesproken was, had Jip gezegd: “Takel moet ook tegen mij praten.” Daar heeft Frans echt werk van gemaakt. Hij heeft geprobeerd om Jip te laten zien, dat Takel heel anders in het leven staat. Die lacht namelijk overal om en maakt zich echt niet druk. Ik glimlach als Frans het tegen mij vertelt, daar is Jip nog wat te jong voor, neem ik aan. Maar als hij ’s middags huilt omdat hij van mij zijn beker met melk even wat verder weg moet zetten, omdat hij anders omvalt, dan vraag ik: “Wat zou Takel hebben gedaan?” “Die zou gewoon getakeld hebben!” zegt hij en vervolgens takelt hij zelf de melkbeker een stukje verder op. Huh? Was dit nou inspelen op zijn fantasie of heeft hij de les van zijn vader begrepen? We zullen het nooit weten.

Waarom straffen

Kinderspel met grote mensen

260315
Ik weet nog dat we, ik en de kinderen uit mijn klas, een keer tijdens gym vrij mochten spelen. Ik was negen jaar en mijn beste vriendinnetje en ik kozen ervoor om gezellig thee te gaan drinken. We zaten knus naast elkaar en schonken onzichtbare thee in onzichtbare kopjes en keuvelden wat. Eigenlijk was het een beetje een saai spelletje. “Zullen we de juffrouw ook vragen?” vroeg mijn vriendin. Ik zei: “Nee joh, dat vindt de juffrouw toch niet leuk?” “Natuurlijk wel!”zei mijn vriendin. Ze stond op en liep naar de andere kant van de gymzaal, waar de juffrouw op een bankje zat. Ik liep maar achter haar aan, maar ik vond het helemaal niet leuk wat ze deed. Grote mensen lastig vallen met kinderspel, dat deed je niet. Volwassenen vinden daar niks aan. Soms doen ze wel net of ze het leuk vinden, maar dat is alleen om jou dan te plezieren, want ze zijn het altijd zo beu. Ik vroeg volwassen mensen liever niets, want het voelde voor mij als me opdringen en dat deed ik liever niet. We kwamen bij de juffrouw aan. “Juf!” zei mijn vriendin lachend, “we zijn lekker thee aan het drinken en toen dachten we ‘misschien heeft u ook wel zin in een kopje?’” “Oh nou en of!” zei de juffrouw en toen “wat lief dat jullie aan mij denken zeg!” Mijn vriendinnetje schonk ons alle drie een kopje in en we dronken ervan. “Heb je ook koekjes?” vroeg de juffrouw. “Ja!” zei mijn vriendin, ze draaide zich om en achter het bankje waar we zaten, vond ze het onzichtbare koektrommeltje. De juf was helemaal enthousiast toen het trommeltje openging, het waren namelijk haar lievelingskoekjes! Volgens mij heb ik niet veel gezegd tijdens dit hele tafereel, maar ik heb me wel verbaasd en was positief verrast: de juffrouw, die echt wel dubbel en dwars volwassen was, was met oprechte blijheid opgegaan in ons kinderspel. Op dat moment, op die bank, in die gymzaal, bedacht ik mij dat ik – mocht ik ooit kinderen krijgen – ook zo met ze zou spelen. Inmiddels ben ik dankbaar dat ik twee kinderen heb mogen krijgen. De oudste begint nu thee en soep voor mij te maken van zand. Het is hartstikke leuk om te zien. Ik geniet er oprecht van. Ik speel zijn spel mee, vraag wat er in de soep zit of zeg wat ik denk te proeven. Op die manier houd ik het spel ook leuk voor mezelf en Jip knikt enthousiast. Toch moet ik eerlijk zeggen, dat ik die kinderlijke blijheid ben verloren. Dat ik toch een beetje ‘meedoe’ als het ware. Bij het negende kopje soep en drie koppen thee tussendoor, begin ik het ook een beetje beu te worden. Hij houdt het altijd veel langer vol dan ik. Ik veronderstel dat Jip minstens zo gevoelig is als ik, dus hij zal het ergens opmerken. Missie niet helemaal geslaagd dus. Er zit niets anders op dan hopen dat hij straks net zo’n lieve enthousiaste juffrouw heeft op de basisschool als die ik had.